Contact

Crisisdienst

Interview met thuisbegeleider Adindah

Interview met thuisbegeleider Adindah

In gesprek met…

 

 Adindah Pibiri
46 jaar
Thuisbegeleider bij Vivenz

Hoelang ben je al werkzaam bij Mooi Sociaal?
Bij Mooi Sociaal in totaal 7 jaar, en bij Vivenz Thuisbegeleiding werk ik nu bijna 2 jaar.

Hoe ben je bij Vivenz terecht gekomen?
Ik werkte bij het hoofdkantoor als receptioniste/administratief medewerker. Daar ben ik ooit ingerold als vrijwilliger, maar binnen een jaar tijd in dienst gekomen. In de loop der jaren heb ik naast deze functie verschillende functies erbij gehad. Dit deed mij beseffen dat ik veel meer in mijn mars had.

Daarnaast heb ik ook mijn diploma Social Work en Budgetcoach gehaald en is dit goed toepasbaar in het werk als Thuisbegeleider. Er werd me dan ook meerdere keren gevraagd: ‘is de Thuisbegeleiding niet wat voor jou?’ dus toen heb ik uiteindelijk de stap genomen om te solliciteren.

Wat heb jij als Thuisbegeleider te bieden?
Ik ben duidelijk in de communicatie, ik laat me niet snel uit het veld slaan. Mijn kwaliteiten liggen bij de financiële en administratieve taken. In complexe casussen weet ik de rust te bewaren. Hierin neem ik een eigen stuk levenservaring mee.

Hoe pak jij complexe casussen aan?
Door verbindende lijnen te leggen met organisaties die ook betrokken zijn bij de casus. En vooral luisteren naar de hulpvraag en je voelsprieten hun werk laten doen door te zien en te voelen wat een cliënt nodig heeft.

Wat grijpt jou het meeste aan?
Huiselijk geweld (niet dat ik het mee naar huis neem) maar je weet nooit waar je in terecht komt.

Wat kunnen de valkuilen zijn waarin je jezelf tegen kunt komen in dit beroep?
Hoe leg ik dat uit? Een balans vinden dat je niet alles overneemt maar toch het stukje zelfredzaamheid bij de cliënt neerlegt. Thuisbegeleiding wordt voornamelijk ingezet om de zelfredzaamheid te vergroten en onze cliënten kunnen, soms met hulp, vaak meer dan ze in eerste instantie denken. Er wordt vaak gedacht dat de thuisbegeleider alles wel overneemt, maar je moet zelf kunnen aanvoelen en zien wat bij jou neergelegd kan worden en wat de cliënt zelf kan.

Hoe ga jij om met een cliënt die in de weerstand gaat?
Ik ben daar altijd wel heel strikt in, door duidelijk te zijn en de punten te benoemen waarom ik deze adviezen aandraag.

Raakt het je soms ook weleens persoonlijk?
Nee, ik heb altijd na werk een momentje voor mezelf in de auto. Dit klinkt misschien gek, maar ik neem dat kwartiertje in de auto om alles te laten bezinken zodat ik met een leeg hoofd naar huis ga, mocht ik ergens mee zitten dan bel ik een collega of mijn teamleider.

Wat maakt je werk zo leuk?
De variatie, geen dag is hetzelfde door het verschil in casussen. Als je net een pittige casus hebt gehad, kun je daarna een rustigere inplannen. Je beheert hierin je eigen agenda.

Wat maakt werken voor Vivenz zo leuk?
Ik heb een goede band met mijn directe collega’s. Deze groep bestaat uit 15 thuisbegeleiders inclusief teamleider. Buiten de casuïstiek delen we ook weleens privédingen, en dit geldt ook voor onze teamleider, dat we daar altijd terecht kunnen ,op het moment dat we iets willen bespreken.

Hoe houd je de balans tussen je werk en privé?
In het begin vond ik die heel erg lastig. Dan was ik thuis nog van alles aan het doen na werktijden. Ik voelde me verplicht om toch nog na 17.00uur de telefoon op te nemen.
Nu ik er wat langer in zit zet ik mijn telefoon uit, mits er een crisis is of iets belangrijks wat na 17.00uur besproken moet worden. Eigenlijk doe ik alles binnen werktijd. Vrij is vrij.

Welke casus is je het meest bij gebleven?
Deze vergeet ik nooit meer: ik was net een maandje aan het werk als Thuisbegeleider en bij aankomst van de cliënt ontdekten wij dat de dochter van deze cliënt in de kamer daarnaast lag, overleden. De cliënt gaf aan dat hij zijn dochter al twee dagen niet meer uit de kamer had zien komen.
Zo’n situatie maak je natuurlijk niet dagelijks mee, dat je een overleden persoon aantreft. Gelukkig maar, want gat gaat je niet in de koude kleren zitten.

Door de juiste manier van opvangen door mijn collega’s en teamleider heb ik dit goed los kunnen laten en heb ik het op de juiste manier verwerkt. Daarnaast ben ik nog gebeld door slachtofferhulp. Dus de nazorg was dus ontzettend goed.

Interview met thuisbegeleider Anita

In gesprek met…

 

Anita van Zwoll
60 jaar
Thuisbegeleider bij Vivenz

Hoelang beoefen je dit beroep al?
Al 25 jaar, ik ben begonnen met 5 ochtenden in de week bij OPMAAT als zieke verzorgende. Toen zag ik de GGV (gespecialiseerde gezingsverzorging) wat mij heel erg leuk leek, alleen daar moest ik destijds een diploma voor hebben.

Daarnaast kon ik dus wel 3 middagen extra bij het Speciale Stabiele Zorgteam starten. Toen ik 41 jaar was besloot ik toch de opleiding te doen voor de GGV, wat inmiddels de Thuisbegeleiding is. Toen ben ik volledig gaan werken in de Thuisbegeleiding.

Wat heeft je gemotiveerd om sociaal werker te worden?
Om naast de mens te gaan staan die is vastgelopen in de thuissituatie. Ik vind het ook een voordeel om bij mensen thuis te komen, want zij voelen zich daar vaak het meest op hun gemak en je ziet het meeste in de thuissituatie, meer dan wanneer mensen bij je langs komen op kantoor.

Wat vind je het mooiste aan dit beroep?
Dat je samen met de cliënt hun doelen kan bereiken. En anders door kan verwijzen naar gespecialiseerde hulp.

Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit?
Dat kan heel verschillend zijn! Er kan ineens een crisis zijn bij een gezin waardoor je hele planning in een keer verandert. Je moet voor dit werk wel flexibel en creatief zijn. Normaal begin ik om 9 uur en eindig ik om 5 uur. In die tijd ben ik bij verschillende cliënten langs geweest, waarbij ik tussendoor ook weleens naar het kantoor ga voor de administratie. Geen dag is hetzelfde, dat vind ik écht het leukst aan mijn baan.

Met welke doelgroepen werk je vooral?
Verschillend, de doelgroepen kunnen zijn: Mensen met psychische klachten, mensen met een verstandelijke beperking, mensen die sociaal zijn vastgelopen (bijvoorbeeld na ontslag), kinderen en soms ouderen. De doelgroep is eigenlijk heel divers.

Wat zijn veelvoorkomende problemen waarmee je mensen helpt?
De meest voorkomende hulpvraag is voor financiële problemen. Ook als er meerdere problemen zijn, begin ik eerst begin met de financiën. Dat geeft zoveel stress waardoor het geen zin heeft om aan andere dingen te beginnen.

Daarnaast ondersteun ik ook bij opvoedproblemen, huishoudelijke taken (en dan met name de planning ervan) en relationele problemen.

Moet je vaak samenwerken met andere instanties, zoals scholen of gemeenten?
Ja, we hebben vaak contact met Jeugdbescherming, Jeugdteams en het Sociaal Wijkteam. En met de Sociale Raadslieden voor juridisch advies.

Bij scholen komen we ook, bijvoorbeeld om mee te gaan op oudergesprekken. Daarnaast hebben we veel contact met de Sociale Dienst (inmiddels Samenwerkplein) en het UWV.

Wat vind je het moeilijkste aan je werk?
Het moeilijkste vind ik dat als je ziet dat kinderen niet veilig zijn. Natuurlijk moet er dan een melding gemaakt worden, maar dit is nooit makkelijk of leuk. We doen dit overigens nooit zelf maar altijd samen met de cliënt, dat is het beleid van Vivenz.

Hoe ga je om met situaties die je emotioneel raken?
Daar hebben we gelukkig een fijne groep voor waarbij we wekelijks gebruik maken van intervisie en casuïstiek. Als er een moeilijke situatie is, kunnen we altijd direct met een collega bellen. Daarnaast kun je terecht bij je leidinggevende of een vertrouwenspersoon binnen de organisatie.

Heb je wel eens te maken gehad met agressie of onveiligheid?
Ja helaas wel, maar dan is het vaak zo dat mensen een psychiatrische achtergrond en of een verstandelijke beperking hebben waardoor ik het wel kan relativeren. En door zo’n achtergrond kunnen we vaak van te voren al een inschatting maken of we te maken krijgen met agressie. Bij een vermoeden gaan we vaak met zijn tweeën naar een adres.

Welke eigenschappen moet je hebben als sociaal werker?
Sowieso empathie. Daarnaast moet je flexibel en geduldig zijn en ik denk dat je ook sterk in je schoenen moet staan omdat je bij de mensen thuis komt.

Heb je tips voor jongeren die sociaal werker willen worden?
Als je erover nadenkt zou ik zeggen dat het een heel sociaal beroep is, omdat je de gehele dag met mensen werkt en je echt iets voor ze kunt betekenen. Je kunt heel betekenisvol zijn voor de rest van hun leven.

Ik heb een keer een brief gehad van een cliënt met de tekst: “Als ik u niet had gehad, dan was ik er misschien niet meer geweest”. Die brief is voor mij heel waardevol.

Interview met thuisbegeleider Chantal

Interview met thuisbegeleider Chantal

In gesprek met…

 

Chantal Rovers
48 jaar
Thuisbegeleider bij Vivenz

Hoelang beoefen je dit beroep al?
Bij elkaar ben ik al 6 jaar werkzaam als thuisbegeleider voor Vivenz.

Wat doet een thuisbegeleider precies?
Deze vraag krijg ik best vaak. Ik zeg dan altijd dat ik ondersteuning bied in alle hulpvragen die er zijn binnen een huishouden, behalve langdurige huishoudelijke ondersteuning en persoonlijke verzorging. Daar is thuiszorg voor. 

Wat voor hulpvragen bedoel je dan?
Dit kan bijvoorbeeld ondersteuning bij de administratie zijn, of bij financiën of schulden. Maar ook help ik bij het aanleren van structuur in huishoudelijke taken. Denk hierbij ook aan ont-spullen en vervuiling. Daarnaast help ik ouders met opvoedingsvragen en voer ik ventilerende gesprekken. Dit zijn gesprekken waarbij cliënten de ruimte krijgen om te vertellen hoe zij zich voelen.

Wat maakt dat je voor dit vak hebt gekozen?
Ik ben eigenlijk altijd op zoek naar uitdaging en afwisseling. Als thuisbegeleider kom je bij zoveel mensen over de vloer. Het is kleurrijk, het is altijd in beweging ook al zijn de stappen klein. Het maakt mijn beeld ook ruimer omdat niet iedereen dezelfde waarden en normen heeft, ik beweeg hierin mee tot mijn eigen grens. Daarnaast vind ik het heel fijn dat ik de vrijheid heb om mijn eigen werk in te delen.

Welke karakter/eigenschappen heb je nodig om dit beroep goed te kunnen uitoefenen?
Je moet flexibel en ruimdenkend zijn, je moet in staat zijn om ruimte te creëren binnen de grenzen, geduld hebben en niet bang zijn om vies te worden. 

Wat kunnen de valkuilen zijn waarin je jezelf tegen kunt komen in dit beroep?
Dat zijn er best wat. Bijvoorbeeld te betrokken zijn bij je cliënten, de casus bekijken vanuit je eigen waarden en normen in plaats van die van de cliënt of te hard willen werken en niet achterover kunnen leunen. Je bent er om te ondersteunen, niet om alles over te nemen. 

Welke situatie/casus is je het meest bijgebleven?
Ik ben betrokken bij een vrouw die zeer zelfstandig was met een verantwoordelijke baan en een gezond sociaal leven. Door traumatische ervaringen en het niet willen opgeven van haar verantwoordelijkheden heeft zij ME gekregen, dit betekende voor haar alleen nog maar op de bank kunnen liggen, baan kwijt, koophuis kwijt, sociale contacten weg.

In de 3 jaar van mijn betrokkenheid en mevrouw haar inzet heeft zij zulke mooie stappen gemaakt. Van niks kunnen, kan zij nu weer activiteiten ondernemen. Neem bijvoorbeeld iets kleins zoals het versieren van de kerstboom: in het eerste jaar dat ik bij haar kwam vertelde ze mij vanuit de bank waar ik de kerstballen moest hangen, in het tweede jaar hebben we dit samen gedaan en in het derde jaar heeft zij de kerstboom zelf opgetuigd. Hier was ze heel trots op. En ik ook!

Hoe ga je om met agressie?
Ik kom bijna nooit in een agressieve situatie terecht, dit komt mede doordat ik rustige, open en eerlijke gesprekken voer en vooral goed luister naar de ander. En op het moment dat de situatie hoog op loopt, wissel ik van onderwerp of we gaan iets actiefs doen. Op een ander rustig moment kunnen we het onderwerp dan weer bespreken.

Hoe zou jij dit beroep promoten?
Het is een uitdagende en afwisselende baan, die alle kanten van de maatschappij belicht.

X